Filter op onderwerp
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 58 Standbeeld Mooren (1965)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: Leonardus Mooren (1700-1781), priester, kanunnik en weldoener, schonk in 1776 een stenen calvariegroep aan de St. Lambertuskerk van Nederweert. In 1777 volgde de schenking van een standbeeld dat de schenker zélf voorstelde en dat op een natuurstenen sokkel vóór de kerk moet hebben gestaan. In januari 1799 is het beeld door militairen van de ‘verwijderingscolonne’ van generaal Piston in het kader van de generieke anticlericale maatregelen van Franse overheid, en met een tegenstribbelende Nederweerter bevolking, verwijderd. Het werd daarbij ritueel verminkt door middel van onthoofding en verminking van neus en bovenlip. Daarna werd het begraven in een kuil voor de St. Lambertuskerk. Bij de aanleg van riool in de Kerkstraat, in 1965, werd het beschadigde beeld teruggevonden en door toeval aan de ondergang onttrokken. Het beeld draagt aan de voorzijde een chronogram (1777) en aan de achterzijde een medaillontekst met gegevens over de schenker.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 58-Sjeeshuis (1984)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij graafwerkzaamheden ten noordwesten van de St. Lambertuskerk van Nederweert werden in september 1984 funderingsresten aangetroffen. Deze kunnen voor een deel worden toegewezen aan een zogenaamd ‘sjeeshuis’ of rijtuigloods voor het vervoermiddel van de priesters van de kerk. Dit gebouw werd opnieuw gebouwd in 1889 en tussen 1944 en 1951 afgebroken. Ook werden funderingsresten van een ouder gebouwtje gevonden, waarschijnlijk een voorgaand ‘sjeeshuis’, waarvan de historie in de archiefbronnen tot 1739 teruggevoerd kon worden. Enkele menselijke skeletresten hangen samen met de oude begraafplaats die zich op deze locatie bevond en bevindt.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 58 Kerktoren (1984)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de restauratie van de St. Lambertustoren van Nederweert in 1984 werd bij herstel van metselwerk in het kistwerk van de torenwand een groot blok ijzeroer gevonden. Röntgenspectroscopisch onderzoek bevestigde de samenstelling van de vondst als natuurlijk limoniet of ijzeroer. De aanwezigheid van grote brokken limoniet in het kistwerk van torens komt meer voor in de Peelstreek. Ook de uit de literatuur bekende ijzerertswinning uit de natte gebieden rondom de Peel kan een aanwijzing zijn voor de herkomst van deze vondst uit de kerktoren van Nederweert.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 56 (2005)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: In 2005 werd rijksmonument Kerkstraat 56 (pand ‘Siem’) in Nederweert gerestaureerd. In de bouwput achter het monumentale pand konden in april 2005 summiere archeologische waarnemingen worden verricht. Aangetroffen werden (1) sporen van een brandlaag, vermoedelijk gerelateerd aan de verwoesting in juni 1659, (2) een intacte bakstenen waterput met een ouderdom van vóór 1659, (3) een middeleeuwse voorgaande houten waterput en tenslotte (4) menselijke overblijfselen afkomstig van het aan de noordzijde gelegen oude kerkhof. Zeer waarschijnlijk werd ook de flank van een gracht om het terrein van de St. Lambertuskerk aangesneden. Die waarneming is niet strijdig met de resultaten van een opgraving op het kerkterrein in 2003.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 53 Gorispomp en Weerterbeek (2014)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: In 2014 werd onderzoek verricht naar de locatie van de twee gemeentelijke waterputten in de Kerkstraat van Nederweert. Deze rapportage gaat over één van die locaties. Van een bakstenen waterput, behorend bij de Gorispomp, en evenmin van een daarbij behorende en te verwachten trechtervormige insteek, zijn geen sporen aangetroffen in de relatief kleine waarnemingszone. De locatie van de pomp is natuurlijk niet per se exact dezelfde als die van die put. Wel werd de flank van een greppel of sloot aangesneden, die zich parallel aan de huizen van de westzijde van de Kerkstraat bevond. Dit moet de voormalige Weerterbeek zijn geweest, die reeds in de 18e eeuw (en in elk geval vóór 1754) áchter de huizen verlegd werd. Het spaarzame vondstenmateriaal uit de beekvulling laat zich in de 17e eeuw dateren.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 52 (1957-1989)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Samenvatting: Bij archeologisch onderzoek in 1957 en 1989 op het perceel Kerkstraat 52 in Nederweert werden bouwkundige resten gevonden van voorgaande gebouwen. Tot de oudste, wellicht laatmiddeleeuwse, sporen behoren de mergelstenen funderingen van een gebouw dat centraal op het perceel lag. Het na de laatste grote dorpsbrand van 1659 gestichte pand droeg het ankerjaartal 1660. Sporen van een hoek van het oostelijke gedeelte daarvan, het achterhuis, werden hij het onderzoek teruggevonden. Een opmerkelijke vondst is een natuurstenen kruis waarvan de oorsprong in de nabijgelegen St. Lambertuskerk kan liggen en waarvan secundair en tertiair gebruik in het woonhuis verklaard kunnen worden uit de grote verwoestingen van het dorp in 1592 en 1659 waarbij zowel kerk als woonhuizen herbouwd moesten worden.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 50 (2014)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de reconstructie van het plein Lambertushof te Nederweert in 2014 werden in een plantgat funderingsresten aangetroffen. Deze konden worden toegeschreven aan het voormalige pand Kerkstraat 50 dat op die plaats stond en dat in 1969 was afgebroken, overigens zonder begeleidend archeologisch onderzoek. Het feit dat er nog funderingen zaten was verrassend, omdat verondersteld werd dat in 1969 ook de ondergrondse sporen waren verwijderd. De conclusie moet derhalve ook luiden dat zich onder het plaveisel van Lambertushof nog meerder intacte muurresten en andere oudheidkundige overblijfselen van de voormalige bebouwing bevinden. Hetgeen een attentiepunt is voor opgravingen in de (verre) toekomst.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 47 (1985)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij het archeologisch onderzoek van de ondergrond van het in juni 1985 afgebroken brouwershuis Kerkstraat 47 in Nederweert werden uitvoerige waarnemingen gedocumenteerd. De complexe stratigrafie toonde aan dat er al vanaf ca. 1275-1350 sprake van bewoning was op dit terrein. Een gedempte waterput kan ook aan deze oudste fase worden gekoppeld. Diverse steenbouwfase, waarvan de oudste een bijzondere poerenconstructie kenden vanwege de naast het huis stromende beek, lijkt nog van voor de grote dorpsbrand van 1659 te zijn. Een na de herbouw doorgevoerde splitsing in twee woonhuizen werd in 1882 weer te niet gedaan door de bouw van het grote brouwershuis. Van de bedrijfsbijgebouwen werden behalve de funderingen ook twee bakstenen industriële waterputten teruggevonden.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kanalenkruising (1987)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Van april tot november 1987 boden de verbredingswerkzaamheden van Kanaal Wessem-Nederweert gelegenheid tot het doen van archeologisch onderzoek. In totaal werd een areaal van 520 m2 onderzocht. Door de machinale ontgrondingsactiviteiten konden slechts weinig bodemsporen worden gedocumenteerd en is het waarnemingenbeeld zeer gefragmenteerd. Tot de belangrijkste vondsten behoort een drietal waterputten. De oudste, een boomstamwaterput, kan gedateerd worden in de late middeleeuwen (ca. 1100-1250). De twee andere putten zijn turfputten, dat wil zeggen dat ze waren opgebouwd uit speciaal gevormde veenblokken. Op grond van het vondstenmateriaal uit één van de turfputten kunnen deze met grote waarschijnlijkheid gedateerd worden in het laatste kwart van de 16de eeuw.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Hoesta (1983-1984)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de analyse van luchtfoto’s van het noorden van Nederweert, in 1983, werd aan de westzijde van de Booldersdijk in een gebied dat bekend staat onder de naam ‘Hoesta’ een cirkelvormige structuur met een diameter van 75 m en een ringbreedte van 3 a 5 m ontdekt. Archeologische oppervlaktevondsten ter plaatsen (een neolitische geslepen bijl en waarschijnlijk mesolitisch vuursteenmateriaal) hebben waarschijnlijk geen directe relatie met het archeologisch object in kwestie. Onderzoek ter plaatse en een burostudie leverden op dat we hier vermoedelijk te naken hebben met een pingo-ruïne, dat wil zeggen de plaats van een gesmolten ijslens uit de laatste ijstijd (12.000-11.000 c.Chr.).
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Colusdijk crash Halifax JB845 3 april 1943 (1983-1985)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2019).
Samenvatting: In de nacht van 3 op 4 april 1943 crashte een Britse bommenwerper ‘In de Vloed’, een bosrijk gebied nabij de Colusdijk in het noordelijke grondgebied van de gemeente Nederweert. Het vliegtuig maakte deel uit van een raid van 348 bommenwerpers op de Krupp-fabrieken in Essen (D). Zes van de zeven bemanningsleden overleefden de crash niet; de zevende overleed daags na het ongeval. Met het oog op een ophanden zijnde tentoonstelling bij de herdenking van 40 jaar bevrijding van Nederland, in 1985, verrichte de auteur van 1983-1985 onderzoek naar deze crash. In dat kader werden ooggetuigen van de crash geïnterviewd, de crashsite onderzocht en werd een collectie van historische correspondentie met nabestaanden van de vliegeniers aangelegd. Ook leverden diverse ooggetuige-interviews en egodocumenten van vlak na de crash diverse (voorheen onbekende) en betekenisvolle details op. De verongelukte inzittenden liggen begraven in Woensel (Eindhoven).
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Buussekoel (1984-1985)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Systematische Landesaufnahme door A. Bruekers en H. Janssen op een perceel akkerland aan de Bloemerstraat in Nederweert, genaamd ‘Buussekoel’, leverde een grote hoeveelheid silex artefacten op. Gedetailleerde analyse van het vondstmateriaal duidt op een (tijdelijk) kampement van jagers en verzamelaars op de zuidoever van het glaciale smeltwaterdal van de Kievitsloop. Vervaardigingswerktuigen, halffabrikaten, debris en gerede producten wijzen op werktuigbewerking uit silex, Wommersomkwartsiet en structuurstenen. Het vondstenmateriaal kan op grond van gidsartefacten worden gedateerd in de periode Late Mesoliticum – Vroege Jonge Steentijd (7000-5000 v. Christus).