Filter op onderwerp
‘Rapportage archeologische verwachtingswaarden Nederweert-Brandweerkazerne (2017)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: Op basis van buro-onderzoek is geconcludeerd dat de archeologische verwachtingswaarden van het gebied van de beoogde nieuwe brandweerkazerne tussen Smisserstraat en Randweg-Zuid in Nederweert relatief laag is.
‘Rapportage bouwhistorisch onderzoek Weert-Plucksackhof (1980)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: Ten gevolge van een grote brand op 23 september 1980 ging de oude ‘Plucksackhof’ aan de St. Sebastiaanskapelstraat in (toen Nederweert, nu) Weert verloren. Het pand dateerde grotendeels uit 1750 en 1924 maar had in oorsprong een ouderdom die teruggaat tot de middeleeuwen. Oorspronkelijk heette de hoeve ‘Uitwijck’ en was zij een kluppelleengoed van de heren van Horne. Na de brand werden enkele bouwhistorische details gedocumenteerd en werden uit de mond van bewoners en anderen capita selecta uit de bouwgeschiedenis vastgelegd.
‘Rapportage archeologische verwachtingswaarden Nederweert-Schoordijk ‘Andersdenkendenkerkhof’ (2020)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2020).
Samenvatting: Van oudsher werd Nederweert omringd door een krans van vennen, waterplassen en uitgestrekte heidevelden. In het zuiden van de gemeente lagen de Roevenderpeel en het Schoorwater. Dat gebied had een sinistere bijklank in de oren van vele inwoners. Vanaf de 19e eeuw was daar ook een algemene begraafplaats waar niet-katholieken en zelfdoders werden begraven. Voor hen was immers in de beleving van de Kerk, geestelijkheid en inwoners van die tijd geen plek in de hemel beoogd. De formele status van algemene begraafplaats werd in 1959 opgeheven en in 1966 worden de nog aanwezige stoffelijke overschotten opgegraven en herbegraven.
‘Rapportage archeologische verwachtingswaarden Nederweert Kerkstraat 58 algemene begraafplaats (2021)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2021).
Samenvatting: Met een korte onderbreking in de periode 1898-ca. 1945 bevond zich in de periferie van de eeuwenoude ‘bijzondere’ (=katholieke) begraafplaats bij de St.-Lambertuskerk van Nederweert een niet-gewijd gedeelte. In feite was er zelfs sprake van twee verschillende plekken. Deze ‘algemene begraafplaats’ was bestemd voor overledenen van niet-katholieke huize, of waar om andere redenen geen plek voor kon worden gegeven, zoals zelfdoders. De oorsprong ervan is niet duidelijk maar zal in de vroege 19e eeuw liggen. Vanaf het midden van die eeuw, in elk geval sedert het instellen van de Begraafwet in 1869, voerde het gemeentebestuur het beheer, toezicht en onderhoud van deze begraaflocatie en werd het gebruik geformaliseerd.
‘Rapportage archeologisch pendelonderzoek Weert en Nederweert (1987)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: Een paragnost uit Weert heeft in 1987 met behulp van een pendel en kaartmateriaal archeologische locaties in het Land van Weert bepaald. Van de negen casussen was er slechts één overtuigend. De in deze rapportage gerepresenteerde aanpak en resultaten zijn niet wetenschappelijk onderbouwd en vertegenwoordigen niet de opvattingen van de auteur. Wel is het van belang om .e.e.a ten behoeve van toekomstige verificatie te documenteren.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Weert-Oelemarkt 11 (1979)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Tijdens de verbouwing van het Rijksmonument Oelemarkt 11 te Weert werd in 1979 een gedempte waterput aangetroffen. Eén van de betrokken bouwvakkers heeft daarin de scherven van een Raerens cilinderkruik uit ca. 1600 aangetroffen. Overige waarnemingen werden niet gedaan of kon niet gedocumenteerd worden.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Weert-Marconilaan (1994)’ .
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Golobaal verkennend onderzoek tijdens de aanleg van waterpartijen in het nieuwe industrieterrein Kampershoek aan de oostzijde van de Marconilaan (gemeente Weert), bracht in mei 1994 archeologische bodemsporen aan het licht. De meest in het oog springende sporen zijn elkaar kruisende greppelsporen waarvan er bij een ’n V-vormige doorsnede kon worden vastgesteld. Gebrek aan dateerbaar vondstenmateriaal staat geen nadere duiding toe.
‘Archeologisch onderzoek waterputten Kerkstraat Nederweert 2014’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Stichting Geschiedschrijving Nederweert (Nederweert 2014).
Samenvatting: Onderzoek naar de gemeentelijke, laatmiddeleeuwse drinkwaterputten in de Kerkstraat van Nederweert, alsmede naar de bouwhistorie van de St. Lambertuskerk aldaar in de vorm van een voorportaal op het kerkplein.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Slingertracé A2 (1988)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2024).
Samenvatting: In 1988 vond de aanleg van het zogenaamde ‘Slingertracé’ plaats, een zwanenhalsvormige bypass in de autosnelweg A2 tussen Nederweert en de provinciegrens Noord-Brabant-Limburg. Op 23 en 29 juni 1988 werden wegcunetten en een belendende afwateringsgreppel verkend, een totale trajectlengte van ca. 3250 meter lengte en verdeeld in een vijfstal vakken. In de oostelijke vakken (tussen de tunnel in Molenweg en het viaduct in de Heijsterstraat) werden laatmiddeleeuwse bewoningssporen aangetroffen. Meer in westelijke richting, van de Heugterbroekdijk en Hushoverheggen, waren talrijke sporen van rabatten uit de laat-19e-eeuwse bosbouw ten behoeve van de mijnindustrie zichtbaar.
‘Rapportage archeologisch veldonderzoek Nederweert-Weerheg (1988)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: ‘Rapportage archeologisch veldonderzoek Nederweert-Weerheg (1988)’.
Samenvatting: Onderzoek in 1988 naar een laatmiddeleeuwse landweer in het noorden van de gemeente Nederweert (L) leverde de topografische en archeologische relicten van een ca. 1000m lange greppel- en walstructuur op.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Voedingskanaal (1988)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: De aanleg van een persriool van Ospel naar Weert in de tweede helft van 1988 bood een unieke gelegenheid om een ‘kijkgat’ te krijgen binnen de terreinen in de onmiddellijke omgeving van het meerjarige archeologische ‘Wessemerdijkproject’. Er werd in totaal een oppervlakte van 2135 m2 onderzocht. Het terrein lag in de buurtschap Hulsen, op de oostoever van Kanaal Wessem-Nederweert en flankerend aan het zogenaamde ‘Voedingskanaal’, vandaar de naam van de opgraving. In het onderzochte gebied zijn twee onafhankelijk leemwinningszones aangesneden.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Tichelveld (1985-2014)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Het onderzoek heeft onomstotelijk aangetoond dat het gebied ten oosten van de St. Lambertuskerk over een grote oppervlakte leemwinningsputten heeft gekend. Op de locaties Pinnenhof en Domus Bona Ventura is de ondergrond tot op 2.30 m beneden het huidige maaiveld vergraven en zijn sporen van de winningsputten teruggevonden. Het lijkt erop dat dit een enkele hectares groot wijd verbreid stelsel van kleine winningsputten is geweest, dat in de loop van vele jaren gegroeid is. De structuur duidt op een stelselmatige, langdurige en kleinschalige leemwinningsactiviteit. Uit de archeologische waarnemingen is geen datering van de leemwinning verkregen. De archivalische vermelding uit 1574 lijkt echter wel een soort terminus ante quem voor de leemwinning. Ook het reeds bestaan van het toponiem Tichelveld op het einde van de 16de eeuw is een aanwijzing in die dateringsrichting.