Filter op onderwerp
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Reuzenboom (1950)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: "In oktober 1950 werd in de Ospelse Peel, tussen de Eerste Baan en de Tweede Baan, een meer dan 16 m lange, 200 jaar oude eikenboomstam blootgelegd en geborgen. Deze was al een of twee jaar eerder in een periode van grote droogte ontdekt. Het handelt hier om een op het einde van de Romeinse Tijd het loodje heeft moeten leggen door de stijging van het waterpeil en het aangroeiende veenmos. Liggend in het water en de diepere lagen van het veenmos is het hout geconserveerd geworden. Sinds een eerdere publicatie over deze vondst heeft er C14-onderzoek plaatsgevonden aan de hand van een bewaard gebleven houtmonster van de boom. Dat leidt tot een datering van 370 n. Chr., met een onzekerheidsmarge daaromheen. Van een ‘prehistorische vondst’, zoals in de overlevering verhaald wordt, is dus feitelijk geen sprake, maar op grond van de C14-datering is er wel sprake van een zeer oude datering die in het einde van de romeinse tijd valt te plaatsen."
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Reuzenboom (1950) [aangevuld]’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2024).
Samenvatting: Aanvulling op het gelijknamige rapport, n.a.v. C14-analyses van houtmonsters.
‘Rapportage archeologisch waarnemingen Nederweert-Ottohoeve (1910-2001)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2016).
Samenvatting: Tussen 1910 en 2001 werden diverse archeologische waarnemingen verricht op het terrein van een laatmiddeleeuwse adellijke hoeve, gelegen aan de Heerweg 4 in Nederweert. De Ottohoeve is een voormalig leengoed van de Hertog van Gelder, en werd in leen bezeten door diverse Gelders laag-adellijke geslachten. Het is een monumentaal laat-middeleeuwse gebouwencomplex waar zowel boven- als ondergronds nog belangrijke delen van bewaard zijn gebleven. Onder- en bovengronds bevinden zich op het terrein van de Ottohoeve diverse gebouwresten waarvan het karakter en vondsten (omgrachting, poortgebouw, schietgaten, mergelstenen funderingen, geglazuurde vloertegeltjes) de aanwezigheid van een laat-middeleeuws versterkt en verdedigbaar stenen huis aantonen.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Ospel Onze Lieve Vrouwestraat 57 (1980-1983)’ Tweede, aangevulde versie.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij beperkt archeologisch onderzoek in 1980 en 1983 werd in het gebied ten noorden van de woonboerderij Onze Lieve Vrouwestraat 57 te Ospel, de aanwezigheid van oude funderingen vastgesteld. Nader onderzoek wees uit dat het gaat om een klein gebouw met maximale afmetingen van 5,5 x 6,5 m, bestaande uit een drietal vertrekken waarvan één als kelderruimte kon worden geïdentificeerd. Het bij het onderzoek in 1980 in grote hoeveelheden aangetroffen keramisch vondstenmateriaal is waarschijnlijk uit een afvalkuil afkomstig. Eén Raerense scherf met wapenmedaillon is gedateerd met het jaartal 1600 maar vormt vermoedelijk geen betrouwbare terminus post quem.
‘Rapportage archeologisch veldonderzoek Nederweert-Molenweg (1979-1987)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2002).
Samenvatting: Van 1979-1987 werd een akkercomplex aan de Molenweg te Nederweert intensief onderzocht op oppervlaktevondsten, alvorens het terrein bouwrijp werd gemaakt. Het beschreven gebied kon slechts zeer beperkt onderzocht worden. De grote hoeveelheid laat-middeleeuws schervenmateriaal (m.n. oppervlaktevondsten) laat zich niet correleren met grondsporen uit die tijd. De vondst van een glazen armbandfragment uit de late ijzertijd, een romeins kookpotfragment en bewerkte silex artefacten uit de midden- en jonge steentijd, duiden op een wel degelijk aanwezig archeologisch potentieel van dit gebied.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Lindanusstraat 14-28 (2009)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij het uitgraven van de bouwput voor een parkeergarage, winkel- en wooncomplex aan de Lindanusstraat in Nederweert, in juni 2009, werd het tracé aangesneden van een oude waterloop. Op basis van kartografische en archivalische gegevens kan deze worden geïdentificeerd als de voormalige Weerterbeek. Een diepte van 2,20 m beneden het moderne maaiveld kon worden vastgesteld, maar recente verstoringen maakten het niet mogelijk om de maximale diepte en het volledige profiel in coupe te bepalen.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kreijel 7 (2011-2012)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de aanleg in 2011 van een landschapstuin en waterpartij bij de woning Kreijel 7 in Ospel, werd een oude waterplas leeggegraven en vergroot. Tijdens het begeleidende onderzoek werd vastgesteld dat de waterplas een natuurlijke origine heeft en oorspronkelijk zowel in oostelijke als westelijke richting veel groter was dan de gedaantevorm in 2011. In het hart van de waterplas werd op het diepste punt een houten bekisting gevonden die aan een waterput deed denken maar in werkelijkheid een verzamelpunt van water was in tijden dat de waterplas droog viel. Een halvecirkelvormig bodemspoor in de nabijheid van de waterkuil wordt als een boomval geïnterpreteerd.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-kleipijpen (1982)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Van 1966 tot 1982 werden op systematisch wijze stelen en koppen van gebakken rookpijpen verzameld in de tuin en aangrenzende akkerpercelen van zijn ouderlijk huis aan de Bredeweg 32 in Nederweert. Al deze objecten werden bemeten, getekend en gedocumenteerd. In later jaren werd de collectie uitgebreid met pijpen-artefacten die afkomstig waren van het areaal van boomkwekerij gebrs. Janssen, in de hoek Bredeweg-Strateris in Nederweert. Van de hielmerken en versierde steelfragmenten is een systematische catalogus samengesteld. Verder is een gedetailleerde analyse van het breukgedrag van de Nederweerter steelfragmenten uitgevoerd. Aan de Nederweerter kleipijpenfabriek die in 1841 door Bernard Stalenberg te Nederweert gevestigd werd en aan wie het handelsmerk KS werd toegekend, kon slechts één van de gevonden pijpenkoppen worden toegeschreven.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 87 Straterhuijs(?) (1916)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: Omstreeks 1916 werden bij graafwerk met archeologisch motief op een terrein ten westen van de Kerkstraat in Nederweert funderingssporen gevonden. Het muurwerk viel op door zijn diepte, breedte en grote steenformaat, dat van een atypisch karakter is. De sporen werden niet gedocumenteerd maar er leven in de overlevering wel diverse berichten over voort, ook bij een persoonlijke betrokkene van destijds. In de volksmond werden de gevonden resten geassocieerd met een vermeende middeleeuwse kapel of kerk, de fictieve ‘Kapel Merefelt’. Moeilijker is de bepaling van waar de resten dan wel betrekking op hebben. Archivalische en historische documentatie is er niet. Wellicht is een relatie met een bouwwerk dat hier (in de middeleeuwen?) heeft gestaan en dat het ‘Straterhuijs’ werd genaamd en waarvan het bestaan in een vlakbij de vindplaats gelegen toponiem nog voortleeft.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 65 Oude Raadhuis (1921)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2018).
Samenvatting: In mei 1921 werd bij de afbraak van het oude gemeentehuis of raadhuis aan de Kerkstraat in Nederweert een ondergronds cellencomplex gevonden. In de muren van een van de cellen werden graffiti uit 1752 aangetroffen. Op basis van archeologisch, bouwhistorisch en archivalisch onderzoek is aannemelijk gemaakt dat het cellencomplex in eerste aanleg dateert uit 1751-1752 en dat het in 1786 van één naar drie cellen werd uitgebreid. De locatie ervan was aan de Kerkstraat- (=oost-)zijde van het gemeentehuis. De graffiti zijn toe te schrijven aan Jan Antoon Corts, een beruchte crimineel die in 1752 in Nederweert gevangen zat en nog datzelfde jaar op barbaarse wijze is geëxecuteerd.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 62 (1961)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de afbraak van een oud dubbelpand (toenmalige adres Kerkstraat 62 in Nederweert) in 1961 werd onder het achterhuis een tweetal waterputten gevonden die waren opgebouwd uit turfblokken. Uit een van de beide putten kwam een kan van Rijnlands steengoed die op grond van parallellen te dateren is tussen 1450 en 1550. Daarmee zijn deze turfputten voorbeelden van relatief zéér vroeg gebruik van turf als materiaal voor de bouw van turfputten. De vondst van een vermeend menselijk skelet, of delen daarvan, is onvoldoende goed gedocumenteerd en vanwege zijn atypische ligging (namelijk buiten de oude begraafplaats) een geval dat meer vragen oproept dan dat het antwoorden geeft.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 61 (1977)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Bij de afbraak in 1977 van het pand Kerkstraat 61 te Nederweert (fam. Hermans) werd in het puin van de noordelijke muur een fragment van een natuurstenen object gevonden. Hierop was een deel van een inscriptie leesbaar. Onderzoek wees uit dat we te maken hebben met een fragment van een natuurstenen grafkruis, vermoedelijk uit de 17e eeuw, van een lid van de familie Merttens. De sterke slijtagesporen op de vondst duiden op een hergebruik als dorpel of schampsteen op de oprit tussen de panden Kerkstraat 61 en 63.