Showeerterland: bewaren wat was, vertellen wat is.
Een compleet en laagdrempelig overzicht van artikelen, boeken en bronnen over de geschiedenis van Weert en Nederweert.
Recent geplaatst
‘Stramproy en zijn post’
‘Leen- en laathoven in de Maaslandse Territoria vóór 1795’.
Een greep uit onze artikelen
‘Wit en zwart’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Rubriek Nederweerts Verleden afl. 13 in: Weekblad voor Nederweert, 14 okt 2010.
Samenvatting: Mensen met een donkere huidskleur waren een opvallende verschijning en zijn zelfs afgebeeld in een familiewapen zoals de familie Mooren in de Kerkstraat 41 (niet 35 zoals abusievelijk in het artikel staat). Peter Sonnemans van de Heijsterstraat was in het Franse leger en zag donkere mensen. Ook een geallieerde zwarte militairen in de Tweede Wereldoorlog baarden opzien.
‘As de doeëdsklokke loeëwe oeëver ’t booreland van Wieërt’.
Auteur(s): Jan Henkens
Herkomst: Veldeke : orgaan van V.E.L.D.E.K.E. : Vereniging tot instandhouding en bevordering der Limburgse dialecten 26 (1952) 81-83.
Samenvatting: Geschreven in Weerter dialect. Specifieke beschrijving van volksgebruiken op het gehucht Hushoven bij het sterven en het begraven van een naaste of buurtgenoot. Ongebruikelijk blijkt het condoleren van de nabestaanden op de buitenie van Weert.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Tichelveld (1985-2014)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Het onderzoek heeft onomstotelijk aangetoond dat het gebied ten oosten van de St. Lambertuskerk over een grote oppervlakte leemwinningsputten heeft gekend. Op de locaties Pinnenhof en Domus Bona Ventura is de ondergrond tot op 2.30 m beneden het huidige maaiveld vergraven en zijn sporen van de winningsputten teruggevonden. Het lijkt erop dat dit een enkele hectares groot wijd verbreid stelsel van kleine winningsputten is geweest, dat in de loop van vele jaren gegroeid is. De structuur duidt op een stelselmatige, langdurige en kleinschalige leemwinningsactiviteit. Uit de archeologische waarnemingen is geen datering van de leemwinning verkregen. De archivalische vermelding uit 1574 lijkt echter wel een soort terminus ante quem voor de leemwinning. Ook het reeds bestaan van het toponiem Tichelveld op het einde van de 16de eeuw is een aanwijzing in die dateringsrichting.
‘De ‘oele’ van de Oelemarkt’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Archeologie in Limburg 27 (1986) 129-132.
Samenvatting: De vondst van een Raerense cilinderkruik in de ondergrond van een pand aan de Oelemarkt in Weert, vormde de aanleiding tot deze archeologische en etymologische beschouwing over het fenomeen 'oele' (=pot) waaraan ook het toponiem Oelemarkt lijkt te refereren.
‘Wegkruis Bocholterweg’.
Auteur(s): Bert Adriaens, Hub Adriaens, Godfried Egelie, Jan Henkens, Piet Hermans, Stan Smeets, Jo van der Velden
Herkomst: Portret van Wieert. Deil 4: Veldjkruuse (Weert 1978).
Samenvatting: Korte geschiedenis van dit wegkruis.
‘Het Waaggebouw, Langpoort 1’.
Auteur(s): Baer Adriaens, Bert Adriaens, Godfried Egelie, Jan Henkens, Piet Hermans, Stan Smeets, Jo van der Velden
Herkomst: Wieerter Almenak 1983. Portret van Wieert. Deil 7: Karakteristieke Geboûwe (Weert 1982)
Samenvatting: In 1920 gebouwde (nieuwe) stadswaag inclusief bovenwoning voor de waagmeester. Later waren er een bank en VVV-kantoor gevestigd.
‘Geschreeuw en gebalk’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Rubriek Nederweerts Verleden afl. 79 in: Weekblad voor Nederweert, 5 dec 2013.
Samenvatting: Over het tijdstip van de vroegmis ontstond in 1865 een grote rel die goed laat zien hoe Kerk en Staat innig met elkaar verweven waren.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-Kerkstraat 35 Dubbele Kapelanie (2022)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2023).
Samenvatting: Deze rapportage betreft het archeologisch en historisch onderzoek naar het voormalige ‘Dubbele Kapelanie’-gebouw in de dorpskern van Nederweert op de plek waar de Burg. Hobusstraat uitmondt in de Kerkstraat (voorheen adres Kerkstraat 35). Het gebouw was een uit de zestiende eeuw daterende woning, vanaf het einde van die eeuw in gebruik als kapelanie. In 1971 werd deze door het gemeentebestuur van Nederweert afgebroken voor geplande nieuwbouw die uiteindelijk nooit gerealiseerd zou worden. Signalen van verontruste buurtbewoners, vervolgens opgepakt door de vier lokale erfgoedorganisaties, waren in december 2022 de aanleiding tot het verrichten van visuele archeologische waarnemingen op de locatie Burg. Hobusstraat door STRABO. Het bleef noodgedwongen bij enkele visuele waarnemingen en de registratie van objecten die ex situ gebracht waren waaronder restanten van recent vernielde dikke keldermuren en al eerder aangetroffen smeedijzeren trekankers van een gebouw uit 1788.
‘Speurhond Ricky was een Nederweerter oorlogsheld’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Dagblad De Limburger, rubriek Van Nul tot Nu, 4 nov 2020.
Samenvatting: Bij het opruimen van de vele Duitse mijnenvelden in vooral Ospel en Nederweert-Eind maakten de geallieerden gebruik van getrainde honden. Die waren in staat om ook de houten mijnen te vinden, iets waarvoor metaaldetectoren ongeschikt waren. Mijnenhond Ricky raakte gewond in actie in Ospel op 3 december 1944. Na de oorlog werd de hond onderscheiden met de Dickinmedaille en na zijn dood in 1953 eervol begraven in Engeland.
‘Zoeken naar de zevende zoon. Sporen van een koninklijke vernoemingstraditie in Nederweert’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Limburgs Tijdschrift voor Genealogie 47 (2019) 3-19.
Samenvatting: Eeuwenlang werden aan de Franse koningen (Lodewijk I t/m XIV) bovennatuurlijke gaven toegeschreven. Een afgeleid fenomeen daarvan bestond er uit dat elk zevende mannelijke kind uit een groot gezin stelselmatig genoemd werd naar de Franse koning (dus Lodewijk, Louis of Ludovicus). Dat mechanisme van vernoeming noemt men wel de ‘Filius Septimus’ of ‘Zevende Zoon’ en bestond in een aantal kleine varianten in West-Europa. In een uitgebreid genealogisch onderzoek in de microregio Nederweert (NL Limburg) is door middel van onderzoek aangetoond dat dit vernoemingsprincipe vanaf het vroege begin van de 18e eeuw daadwerkelijk bestond en toegepast werd. Er is een relatie met de Marcoenverering in de kapel van Laar.
‘Pleitnota Subsidievoorstel restauratie Pand Siem’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Voorgedragen in Gemeentelijke Commissie Grondgebiedzaken Nederweert, vergadering van 22 november 2004. [Nederweert, 2004].
Samenvatting: 'Pand Siem' is de volksnaam voor een van de belangrijkste rijksmonumenten in de gemeente Nederweert. Het pand wordt wel de oudste herberg van Nederland genoemd, vanwege het onafgebroken gebruik als café sinds (minstens) 1547. Omstreeks 2000 hing het voortbestaan aan een dun draadje en wilde het gemeentebestuur van Nederweert de monumentenstatus aan het pand onthouden om zo afbraak mogelijk te maken. Tijdens een vergadering op het gemeentehuis in Nederweert op 22 november 2004 hield Alfons Bruekers namens de lokale erfgoedgemeenschap een pleidooi om het pand te behouden en om het gemeentebestuur positief te stemmen over een subsidievoorstel tot restauratie en behoud. Iets dat uiteindelijk ook slaagde.
‘De St. Martinuskerk’.
Auteur(s): N.N.
Herkomst: Overdruk uit Jaarboek Bisschoppelijk College weert (2) 1950 96-103.
Samenvatting: Bouwgeschiedenis van de St. Martinuskerk van Weert 1450-1940 met veel aandacht voor de opeenvolgende hoofdaltaren. De auteur G. Houben (1900-1968) was leraar scheikunde, Duits en godsdienst aan het Bisschoppelijk College in Weert en van 1947-1951 voorzitter van De Aaldenborgh.
‘Oud en nieuw’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Rubriek Nederweerts Verleden afl. 21 in: Weekblad voor Nederweert, 30 dec 2010.
Samenvatting: Smid Guul Vullers baarde opzien met een grappig bedoelde explosie tijdens een in de Kerkstraat voorbij trekkende processie in 1905.
‘Een spel op leven en dood in het kasteel van Weert in 1595’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: De Maasgouw 140 (2021) 98-102.
Samenvatting: Het is allemaal te danken aan het Van Hornejaar (2018), de ontdekking van een mogelijk zestiende-eeuws militair massagraf (2019) en grootschalig archeologisch onderzoek (2021). Daardoor staat kasteel Nijenborgh in Weert, ooit onderkomen van de graven van Horne, weer erg in de belangstelling. De geschiedenis van deze burcht leek inmiddels wel zo'n beetje bekend en uitgekauwd, zeker na recentere overzichtsstudies als die van Frits Nies en Jean Coenen. Toch blijkt er af en toe nog wat te ontdekken, niet alleen in de ondergrond maar ook in de bronnen. Een door alle onderzoekers volledig over het hoofd gezien bizar verhaal over een slachtpartij uit 1595 vormt letterlijk en figuurlijk een lot uit de loterij.
‘Het klooster “Maria ter Hagen” der reguliere kanunniken te Weert’.
Auteur(s): J.L. Frische
Herkomst: De Maasgouw: orgaan voor Limburgsche geschiedenis, taal- en letterkunde 10 (1888) 98-99.
Samenvatting: Beknopte geschiedenis van 1633-1796 met lijst van religieuzen in 1796.
‘Een oud Nederweerter sage: Houts Hendrik’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: ’t Belke, contactblad van de St. Lambertusschool (Nederweert 1973) 6.
Samenvatting: Volksverhaal over de legende rondom Houts Hendrik (Hendrik Raemaekers) over wie de overlevering verhaald dat hij in 1815 de redder van kroonprins Willem op het Slagveld van Waterloo was. Tweede gepubliceerde artikel van Alfons Bruekers over onderwerpen uit de geschiedenis van Nederweert. Hij was toen (1973) elf of twaalf jaar oud. Inhoudelijk rammelt het artikel hier en daar wel wat, dus citeren door andere (echte) historici wordt afgeraden. Zie het maar als een curiosum...
‘Monumenten in Nederweert 9’.
Auteur(s): Huub Janssen
Herkomst: Rubriek Nederweerts Verleden afl. 112, deel 9, in: Weekblad voor Nederweert, 6 mei 1993.
Samenvatting: Historie van de omstreeks 1920 gebouwde waterkrachtcentrale te Roeven bij Sluis 15 en een overzicht de uitvoering van de restauratiewerkzaamheden in 1992 en 1993 (waaraan de gemeenteraad van Nederweert geen medewerking wenste te verlenen en het dus overliet aan het particulier initiatief).
‘Rapportage naamgeving bedrijvencentrum Staaterhuis (2010)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2023).
Samenvatting: In februari 2010 werd Alfons Bruekers van de Stichting Geschiedschrijving Nederweert benaderd door Joost Noyens, directeur van de firma Isidorus Mengvoerders Weert, die op 1 januari 2010 was gefuseerd met Boerenbond Nederpeel (eigenaar van de voormalige Boerenbond in Nederweert-Staat). Als naam voor het nieuwe bedrijvencentrum werd gekozen: Staaterhuis. Dit is een niet op historische maar taalkundige en topografische gronden gebaseerde pendant van een historisch gebouw (het Straterhuijs) dat zich ooit aan de noordelijke begrenzing van de Kerkstraat bevond. Het bedrijvencentrum ligt aan de zuidelijke begrenzing van diezelfde Kerkstraat en vormt in die zin onderdeel van een tweeëenheid Straterhuijs-Staaterhuis
‘Het verval der vestingwerken van Weert’.
Auteur(s): Jan Henkens
Herkomst: "Van Nyersen Upwaert" : een bundel opstellen over Limburgse geschiedenis aangeboden aan M.K.J. Smeets bij zijn afscheid als rijksarchivaris in Limburg : Werken uitgegeven door Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap 7 (1981) 253-257.
Samenvatting: Betreft het kasteel, de stadsmuren en -wallen met de grachten. Grotendeels achterhaald.
‘Bijdrage in advisering en cultuurhistorische waardenstelling ‘aspergeversperring’Nederweert Hulsen’.
Auteur(s): Jan Vos
Herkomst: Arnhem 2021, 7 pp.
Samenvatting: Onafhankelijk advies van Jan Vos, landelijk onderzoeker van krijgshistorisch erfgoed, over de voertuigenhindernis te Hulsen Nederweert.
‘Charles Guillon (1811-1873), pionier van de archeologiebeoefening in Limburg’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: Archeologie in Limburg 30 (1986) 196-198.
Samenvatting: De Roermonds notaris Charles Guillon was in de negentiende eeuw niet alleen collectioneur maar ook pionier op het gebied van de archeologische documentatie. Hij was in West-Europa de eerste die wees op het belang van een objectieve vormbeschrijvingsmethode voor neolitische bijlen en nam daar zelf ook het voortouw
‘Hoe Weert in 1940 en in 1944 aan een ramp ontkwam’.
Auteur(s): J[an] Henkens
Herkomst: De Maasgouw: tijdschrift voor Limburgse geschiedenis en oudheidkunde 88 (1969) 171-182.
Samenvatting: Als gevolg van een gat in de verdedigingslinie op de grens van België en Nederland kregen de Duitse troepen de linie zonder strijd in handen. Daardoor ontsnapte Weert in mei 1940 aan een te verwachten verwoesting, omdat de stad in de linie lag. In september 1944 werd Weert zonder veel materiële schade bevrijd als gevolg van een snelle opmars van Britse troepen in het kader van de operatie Markert Garden en het terugtrekken van de Duitsers achter het kanaal Wessem-Nederweert en de Noordervaart. De hoofdmoot van het artikel ligt op de bevrijding van Weert en de gevechten aan het nabije front. Opvallend is de afwezigheid van enige bronverwijzing.
‘Boorderi-jje in Neejwieërt’.
Auteur(s): [Wiel van de Warreburg], [Alfons Bruekers]
Herkomst: Veldeke Weert, Naame en gezagdjes oet ’t Wieërter Lând (Weert 1981) 89-93.
Samenvatting: Beschrijving van oude Nederweerter boerderijen: De Braosheuf, De Hoge en Lage Notte, gevolgd door een uitvoerige lijst van Nederweerter boerderijen en hun bijnamen.
‘Rapportage archeologisch onderzoek Nederweert-St. Lambertuskerk (1934-1985)’.
Auteur(s): Alfons Bruekers
Herkomst: STRABO (Ospel 2017).
Samenvatting: Hoewel de RK St. Lambertuskerk van Nederweert, wier oorsprong terug gaat tot de middeleeuwen, nooit is onderworpen aan systematisch archeologisch onderzoek, zijn er gedurende enkele momenten wel terloopse archeologische waarnemingen verricht. Bij de aanleg van vloerverwarming in de noordbeuk, in 1934, werden grafkelders blootgelegd waaronder het graf van een geestelijke. Tijdens het herstel van de oorlogsschade in 1949 vond men minstens twee grafzerken uit de 17e en 18e eeuw waarvan er één (familiegraf Beys) werd ingemetseld in de torenmuur en de andere (familiegraf De Haes) wel bewaard lijkt te zijn maar momenteel aan het zicht onttrokken is. De vernieuwing van de vloerverwarming in 1980 legde sporen bloot van de vergroting van de kerk in 1841, waarbij het schip werd verlengd tot de huidige afmetingen. Een toevalsvondst uit 1985, tenslotte, kan in verband worden gebracht met het vermoedelijk bij de uitbreiding van de kerk in 1841 verdwenen graf van de in 1795 overleden pastoor-deken Lambertus Stoutemans.